http://www.angelfire.com/vt/sneuper/morra.htm

D. Douma

 

 

 

Een mislukte emigratie (Gens Nostra 57 (2002), p. 426/427

Afstammelingen van Barteld Jansma, geboren te Anjum (Ezumerzijl), beschikten over de volgende informatie. In 1890 was hun voorvader als landbouwvoorlichter naar Zuid-Amerika uitgezonden, mogelijk naar BraziliŽ. Na zijn overlijden keerden zijn dochtertjes in 1895 terug naar Nederland. Wat was er te vinden over deze mensen ?
In de naamklappers 1890-1895 van het ministerie van Justitie werd gezocht naar een mogelijke verwijzing naar een overlijden in het buitenland. Gevonden werd correspondentie over de dood van Barteld Jansma op 8 juni 1891 te San Salvador Concordia in ArgentiniŽ. Uit de briefwisseling blijkt dat zijn weduwe, Anneke Faber, in september 1891 was teruggekeerd naar Nederland. Zij wenste in 1895 opnieuw in het huwelijk te treden. De ambtenaar van de burgerlijke stand in haar woonplaats Ee (Oostdongeradeel) nam echter geen genoegen met de door de nederlandse consul-generaal te Buenos Aires afgegeven overlijdensakte. De minister van Justitie werd gevraagd de echtheid van de akte te bevestigen.
Nader onderzoek in de archieven van het gezantschap ArgentiniŽ leverde een bijzonder verhaal op. Barteld Jansma was naar ArgentiniŽ geŽmigreerd en had zich met andere Nederlandse landbouwers, onder wie Klaas Visser, Johannes Visser, Dirk van der Wal en Jan Rolse, gevestigd in het afgelegen Columa. Veel van de nieuwkomers stierven al na korte tijd in dit vreemde land met een heel ander klimaat. Op 16 april 1891 deden de genoemde personen bij de Nederlandse consul-generaal te Buenos Aires aangifte van het overlijden in 1889 van de vrouw en drie kinderen van Klaas Visser. Zoals we reeds zagen stierf Jansma in juni van dat jaar eveneens.
Anna Faber was de tweede vrouw van Jansma. Bij haar vertrek naar Nederland liet ze de kinderen uit het eerste huwelijk achter. Het ging om de meisjes Trijntje (geboren 15 oktober 1876), Aaltje (geboren 28 februari 1878), Orseltje (geboren 26 juli 1879) en Doutzen (geboren 28 juni 1883). Zij kwamen terecht bij Argentijnse families in Concordia, waar zij tegen kost en inwoning als lijfeigenen of slaven voor hun Ďpatroonsí moesten werken en een kommervol bestaan leidden. In 1893 riep het oudste meisje de hulp in van de ambassade om naar Nederland te kunnen gaan. Hun Ďeigenarení wilden hen echter niet laten vertrekken. Door bemiddeling van een Zwitserse diplomaat en nadat familie en vrienden in Friesland voldoende geld hadden gestuurd, konden zij toch terugkeren naar hun geboorteland.*

* Nederlands gezantschap in ArgentiniŽ 1880-1920, toegang 2.05.10.01, inv.nrs. 7,8, 96, Nationaal Archief, Den Haag.

==================================


 

 

Het zelfde stukje van een andere site

 

http://www.nationaalarchief.nl/voorouders/actueel/actueel_speurwerk.asp

 

Een mislukte emigratie

Afstammelingen van Barteld Jansma, geboren te Anjum (Ezumerzijl), beschikten over de volgende informatie. In 1890 was hun voorvader als landbouwvoorlichter door de Nederlandse regering naar Zuid-Amerika uitgezonden, mogelijk naar BraziliŽ. Na zijn overlijden keerden zijn dochtertjes in 1895 terug naar Nederland. Wat was er te vinden over deze mensen?

In de naamklappers 1890-1895 van het ministerie van Justitie werd gezocht naar een mogelijke verwijzing naar een overlijden in het buitenland. Gevonden werd correspondentie over de dood van Barteld Jansma op 8 juni 1891 te San Salvador Concordia in ArgentiniŽ. Uit de briefwisseling blijkt dat zijn weduwe, Anneke Faber, in september 1891 was teruggekeerd naar Nederland. Zij wenste in 1895 opnieuw in het huwelijk te treden. De ambtenaar van de burgerlijke stand in haar woonplaats Ee (Oostdongeradeel) nam echter geen genoegen met de door de Nederlandse consul-generaal te Buenos Aires afgegeven overlijdensakte. De minister van Justitie werd gevraagd de echtheid van de akte te bevestigen.

Nader onderzoek in de archieven van het gezantschap ArgentiniŽ leverde een bijzonder verhaal op. Barteld Jansma was naar ArgentiniŽ geŽmigreerd en had zich met andere Nederlandse landbouwers, onder wie Klaas Visser, Johannes Visser, Dirk van der Wal en Jan Rolse, gevestigd in het afgelegen Columa. Veel van de nieuwkomers stierven al na korte tijd in dit vreemde land met een heel ander klimaat. Op 16 april 1891 deden de genoemde personen bij de Nederlandse consul-generaal te Buenos Aires aangifte van het overlijden in 1889 van de vrouw en drie kinderen van Klaas Visser. Zoals we reeds zagen stierf Jansma in juni van dat jaar eveneens.

Anna Faber was de tweede vrouw van Jansma. Bij haar vertrek naar Nederland liet ze de kinderen uit het eerste huwelijk achter. Het ging om de meisjes Trijntje (geboren 15 oktober 1876), Aaltje (geboren 28 februari 1878), Orseltje (geboren 26 juli 1879) en Doutzen (geboren 28 juni 1883). Zij kwamen terecht bij Argentijnse families in Concordia, waar zij tegen kost en inwoning als lijfeigenen of slaven voor hun Ďpatroonsí moesten werken en een kommervol bestaan leidden. In 1893 riep het oudste meisje de hulp in van de ambassade om naar Nederland te kunnen gaan. Hun Ďeigenarení wilden hun echter niet laten vertrekken. Door bemiddeling van een Zwitserse diplomaat en nadat familie en vrienden in Friesland voldoende geld hadden gestuurd, konden zij toch terugkeren naar hun geboorteland.

Bronnen:
Ministerie van Justitie 1875-1914, toegang 2.09.05, exh. 27 april 1895 nr.141
Nederlands Gezantschap in ArgentiniŽ 1880-1920, toegang 2.05.10.01, inv.nrs. 7,8,96

 

http://www.angelfire.com/vt/sneuper/morra.htm

D. Douma

 

(Gens Nostra 57 (2002), p. 426/427

 

A failed migration

 

Descendants of Barteld Jansma, born at Anjum (Ezumerzijl), had the next information. In 1890, their ancestor had been transmitted as an agriculture for barge to South-America, possibly to Brazil. After its death returned his daughters in 1895, to the Netherlands. What was find there concerning these people?

In the name clappers 1890-1895 of the Ministry of Justice it was looked to a possible reference to a death abroad. It were found correspondence concerning the death of Barteld Jansma on 8 June 1891 at San Salvador Concordia in Argentina. From the correspondence becomes clear that its widow, Anneke Faber, in September 1891 had returned to the Netherlands. She wished get married in 1895, again. The vital records official in its place of residence Ee (Oostdongeradeel) took with by the Dutch consul-generaal at Buenos Aires death certificate however no pleasure delivered. The minister of justice was asked confirm the authenticity of the

certificate.

Closer research in the files of the Ambasador of Argentina produced a particular tale. Barteld Jansma had emigrated to Argentina and had itself with other Dutch farmers, like Klaas Visser, Johannes Visser, Dirk van der Wal and Jan Rolse, established in outlying Columa. Much of the newcomers died already after short time in this strange country with a complete different climate. On 16 April 1891 the called persons at the Dutch consul-generaal at Buenos Aires of dying in 1889, of the woman and three children of Klaas Visser did declaration. Such as we already saw Jansma in June also died of that year.

Anna Faber were the second wife of Jansma. At its departure to the Netherlands she left behind the children from the first marriage. It concerned the little girls Trijntje (born 15 October 1876), Aaltje (born 28 February 1878), Orseltje (born 26 July 1879) and Doutzen (born 28 June 1883). They arrived at Argentinian families in Concordia, where they exist against board and lodging if sherfs or slaves for their `patternsí had work and trouble full life. In 1893, the oldest little girl called in the aid of the embassy to the Netherlands is able go. Their `owners` savages however do not let leave them. Through a Swiss diplomat and after family and friends in Friesland had sent sufficient money, they could nevertheless return to their birth country

 

* Dutch Ambasy in Argentina 1880-1920, access 2.05.10.01, inv.nrs. 7,8, 96. National file, The Hague.

 

 

 

 

††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††††